De ijsbeer

Video

IJsbeer - opwarmen polen

De huidige ijsberenpopulatie in de noordpoolgebieden bedraagt ongeveer 25.000 exemplaren. Naast de directe gevaren (illegale jacht en inname van hun gebieden door de mens) en de indirecte gevaren (milieuvervuiling die hun immuunsysteem verzwakt) krijgt de ijsbeer nu ook af te rekenen met een ander verwoestend gevaar: de opwarming van de aarde.

Vanaf de eerste winterdagen tot het einde van de lente zwerft de ijsbeer over het pakijs op zoek naar zeehonden. Ze maken het grootste deel van zijn menu uit. Een volwassen ijsbeer eet gemiddeld 43 zeehonden per jaar. Dit zet hij om in een lichaamsreserve van 200 kilo. In een groot deel van de noordpoolgebieden smelt het pakijs in de zomer. Het dwingt de ijsbeer naar het vasteland terug waar hij tot de volgende winter vast.

Door de opwarming van de aarde is niet alleen de totale oppervlakte van het pakijs verminderd. Het resterende gedeelte begint zich ook steeds later te vormen en ontdooit steeds vroeger. Dit maakt het jachtseizoen van de ijsberen steeds korter. Hierdoor slagen ze er niet langer in om de nodige reserves op te slaan tot de volgende winter. In sommige gevallen komen de ijsberen terecht op een afgebroken stuk pakijs dat langzaam afdrijft. De beer moet dan een aanzienlijke fysieke inspanning leveren om terug te keren naar andere stukken poolijs waar hij verder kan jagen. Zij die al verzwakt zijn door een korter jachtseizoen, riskeren dan ook te verdrinken.